Naar inhoud
Huis van
de Horeca
Menu
Plan een gesprek

Arbeidscontracten in de horeca: welk contract voor welke medewerker?

Vast, tijdelijk, deeltijds, student, flexi of extra: elk contract heeft eigen regels. Wanneer moet het schriftelijk, en wat gebeurt er als je het vergeet?

Laatst gecontroleerd op 2 min lezen
Werkgever en kandidaat geven elkaar de hand aan een tafel in een koffiebar

In de horeca werk je vaak met een mix van mensen: een vaste kok, een deeltijdse kelner, studenten in het weekend en flexi-jobbers voor de drukte. Elk statuut heeft zijn eigen contract en zijn eigen regels.

In het kort

  • Een voltijds contract van onbepaalde duur mag mondeling, maar schriftelijk is altijd beter.
  • Een contract van bepaalde duur of voor een duidelijk omschreven werk moet schriftelijk zijn, uiterlijk bij de start. Anders geldt het als een contract van onbepaalde duur.
  • Een deeltijds contract en een studentencontract moeten altijd schriftelijk, met de verplichte vermeldingen.

Onbepaalde duur

Het standaardcontract. Voltijds mag het zelfs mondeling, maar een schriftelijk contract voorkomt discussies over je afspraken: functie, loon, uren en plaats van tewerkstelling. Een proefperiode bestaat sinds 2014 niet meer, behalve voor studenten en uitzendkrachten.

Bepaalde duur of duidelijk omschreven werk

Voor een seizoen of een tijdelijke drukte. Het contract moet schriftelijk zijn, per werknemer en uiterlijk bij de start. Is dat niet zo, dan geldt het als een contract van onbepaalde duur.

Opeenvolgende contracten van bepaalde duur mogen maar onder voorwaarden: maximaal 4 contracten van elk minstens 3 maanden, samen maximaal 2 jaar. Met toestemming van de inspectie kan het tot 3 jaar, met contracten van minstens 6 maanden.

Deeltijds

Een deeltijds contract moet schriftelijk, met de wekelijkse arbeidsduur en het uurrooster. Werk je met variabele roosters, dan verwijst het contract naar het arbeidsreglement. In de horeca maak je een variabel rooster minstens 3 werkdagen vooraf bekend. Meer daarover in de werkregels van PC 302.

Student

Een studentencontract is altijd schriftelijk en van bepaalde duur, uiterlijk bij de start ondertekend. De eerste 3 werkdagen gelden als proefperiode. Een student werkt aan verminderde bijdragen tot 650 uur per jaar: zie jobstudenten in de horeca.

Flexi-job

Eerst teken je een raamovereenkomst, vóór de eerste job. Daarna maak je per opdracht een arbeidsovereenkomst, mondeling of schriftelijk. Alle voorwaarden staan in flexi-jobs in de horeca.

Extra (gelegenheidswerknemer)

Voor een korte opdracht, zoals een feest of een topdag, kan je een gelegenheidswerknemer inzetten aan forfaitaire bijdragen. Er gelden grenzen per werknemer en per werkgever: zie extra's in de horeca.

Hoe pak je het aan?

Leg voor elk statuut een sjabloon klaar en laat het contract ondertekenen vóór iemand begint. Vergeet de Dimona niet. Met VestaTime maak je contracten voor studenten en flexi-jobbers automatisch op, samen met hun Dimona.

Veelgestelde vragen

Moet een arbeidscontract in de horeca schriftelijk zijn?

Voor een voltijds contract van onbepaalde duur niet, al is het sterk aan te raden. Contracten van bepaalde duur, voor een duidelijk omschreven werk, deeltijdse contracten en studentencontracten moeten wel schriftelijk, uiterlijk bij de start.

Bestaat een proefperiode nog?

Niet meer voor gewone contracten sinds 2014. Voor studenten gelden de eerste 3 werkdagen als proefperiode.

Hoeveel contracten van bepaalde duur mag ik na elkaar geven?

Maximaal 4 contracten van elk minstens 3 maanden, samen maximaal 2 jaar. Met toestemming van de inspectie tot 3 jaar, met contracten van minstens 6 maanden.

Bronnen

  1. FOD WASO – Arbeidsovereenkomsten
  2. FOD WASO – Arbeidsovereenkomst voor een bepaalde tijd en voor een duidelijk omschreven werk
  3. FOD WASO – Studentenovereenkomst
  4. FOD WASO – Deeltijdse arbeid, variabele werkroosters in de horeca
Kenniscentrum blog